Ama Rima / Uli Hatuhaha

Ama Rima / Uli Hatuhaha             

Hatuhaha is de streek die in het noordwesten ligt van het eiland Haruku, waarop de berg Alaka een centrale en strategische ligging kent. Zoals ik reeds heb weergegeven hebben de clans van de Pata Rima o.l.v. Kapitan Pentury en Kapitan Anhatua zich omstreeks het jaar 1470 in dit gebied gevestigd. Hier werden de vijf dorpen, Ama Rima, gesticht met de namen : Pelau, Kailolo, Kabau, Rohomoni en Hurariu. Kort na deze beginperiode van migratie en de inrichting van de vijf dorpen moet in ongeveer 1518 de Islam haar intrede hebben gedaan op het eiland Haruku. De feitelijke handel in specerijen vond namelijk in die tijd plaats in Hitu op het eiland Ambon, waar het centrale gezag over de noordkust van Hitu was gevestigd, vóór de komst van de Portugezen. De Hituezen hadden met Arabieren en Javanen een levendige ruilhandel: specerijen tegen goederen die niet te krijgen waren in de Molukken. Ook de kruidnagelen van de dorpen van Haruku en van de dorpen van de andere eilanden vonden hier op deze basis hun weg naar andere delen van de wereld.

Via de handelscontacten met de Hituezen, die al eerder tot de Islam waren bekeerd, hebben uiteindelijk Perzische zendelingen het Islamitische geloof naar de vijf dorpen gebracht.Islamitische gebruiken en tradities van Pelau, Rohomoni, Kailolo en Kabau zijn heden nog terug te voeren tot de sjiitische leer, die deze Perzen hebben meegebracht.

rohomoni baileo

Baileo Rohomoni

In deze periode werd ook in de Molukken een nieuwe unie van verschillende dorpen ingevoerd. Deze dorpenbond, de Uli, moest de dorpen tot één sterke eenheid vormen, in economisch, politiek en militair opzicht.

Hierop vormden  deze vijf dorpen ( in bahasaAma Rima Hatuhaha ) de Uli Hatuhaha, die ook de Islam als geloof aanvaardde.       

De Bapa Radja’s van de Ama Rima Hatuhaha waren destijds :
1. Upu Ama Latu Pati Laturonesina van Pelau.
2. Upu Ama Latu Pati Pikai Laisina van Hurariu.
3. Upu Ama Latu Pati Monia Maakuku van Rohomoni.
4. Upu Ama Latu Pati Waela Karasina van Kabau.
5. Upu Ama Latu Pati Karijasina van Kailolo.

Bij de vorming van deze Uli Hatuhaha hebben de oervaderen (mojangs) van de familiehoofden, de clanhoofden, kapitans en de dorpshoofden (Bapa Radja’s) van Pelau, Rohomoni, Kabau, Kailolo en Hurariu gezamenlijk een eed op de Koran afgelegd om het voortbestaan en het welzijn na te streven van de vijf dorpen en hun nageslacht. Deze eed (angkat sumpa) op Alaka hield ook in dat:

de dorpshoofden, Bapa Radja’s genoemd, blijvend zullen waken over de samenleving van de Ama Rima Hatuhaha, die voor altijd tot in eeuwigheid in broederschap zal plaatsvinden, gebonden door de adat, de geschiedenis en de bahasa tanah.             

In deze plechtigheid werden tevens de volgende functies en taken in het maatschappelijk leven binnen de Uli als volgt verdeeld:

1. Pelau kreeg de bestuurlijke leiding (Radja Uli Hatuhaha).

 2. Rohomoni  werd de bewaker van de Islam.

 3. Hurariu werd woordvoerder en protocolleider.

 4. Kabau moest waken over de veilgheid en werd Panglima Perang (Opperbevelhebber in Oorlogen).

 5. Kailolo werd belast met het levensonderhoud en de welvaart. 

De berg Alaka op het eiland Haruku fungeerde als zetel en het kloppende hart van de Uli  Hatuhaha.

Inmiddels waren de Molukse eilanden vanaf 1511 (komst Portugezen) in roerige tijden beland vanwege de grote vraag in de  wereld naar specerijen, zoals kruidnagelen en nootmuskaat die in de Molukken groeiden.Naast Chinese en Arabische handelaren kwamen na Portugal grote zeevarende mogendheden als Spanje, Engeland en Nederland in de Molukken. Deze Westerse landen kwamen niet alleen om te handelen in specerijen, maar bevochten elkaar om de hegemonie over de Molukken en hun producten. 

De bevolking werd onderdrukt en met geweld hun wil en vreemde geloven opgelegd. Radja’s werden omgekocht, dorpen werden tegen elkaar uitgespeeld, wilde Alfoeren werden omgekocht en ingezet om de Molukse medemens te vermoorden. Zoveel mogelijk Molukkers werden tot diep gelovige Christenen “bekeerd” om hen tot volgzame bondgenoten te maken in deze expansiepolitiek! Kortom koloniale verdeel- en heerspolitiek, die in het voormalig Nederlands-Indië tot 1950 zou duren met als ironisch gevolg, dat de trouwe bondgenoten vanaf 1951 in Nederland terecht zijn gekomen…….. afgedankt en aan hun lot overgelaten in een vreemd land.             

Arabische handelaren brachten vanaf 1300 hun geloof, de Islam, naar de Indonesische Archipel en de Molukken (Iha, Sirisori-Islam op Saparua).

Het Hindoeïsme, waarvan in de Molukken niets meer is overgebleven, moet zelfs in een eerder stadium door Javanen in de Molukse samenleving zijn ingebracht.

Noch het Hindoeïsme, noch de Islam heeft echter zo veel leed, bedrog, excessen en  moordpartijen, uitbuiting, zelfverrijking, strafexpedities (hongitochten), onderling verraad, en ontwrichting van bestaande structuren in de Molukken voortgebracht als het Christendom van de  Portugezen en de Nederlanders !

De Uli Hatuhaha was / is  een dorpenbond van familieclans, die wordt gekenmerkt door de volgende unieke basiseigenschappen:             

  1. één en dezelfde origine: Alifuru, Patarima. 
  2. één en dezelfde herkomst: Alune (West-Ceram.)
  3. één en dezelfde adat-istiadat.
  4. één en hetzelfde geloof (Islam).
  5. één en dezelfde Bahasa Tanah.
  6. één en dezelfde geschiedenis (sedjarah).

Kortom eigenschappen ter bevestiging van:

(Een citaat uit het werk van de Nederlandse antropoloog  Chris F. van Fraassen “ Ternate, de Molukken en de Indonesische Archipel. Van soa-organisatie en vierdeling : een studie van traditionele samenleving en cultuur in Indonesië”, Leiden 1987, Appendix XII ) : ” Hatuhaha daarentegen geldt overwegend als kanune, dat wil zeggen dat de bevolking geacht wordt van overwegend autochtone  Molukse herkomst te zijn …..”.  

Dit in tegenstelling tot de aanwas van nieuwkomers bij de Patasiwa (Negenbond) in het zuiden van het  eiland Haruku, die door van Fraassen als mala c.q. allochtoon van herkomst werd bestempeld. Alleen in Aboru en in Kariu wordt nog de Bahasa Tanah gesproken.

Een goed lezer begrijpt natuurlijk, dat met “aanwas van nieuwkomers” niet de mensen van de Negenbond worden bedoeld. Van Fraassen bedoelt uiteraard de mensen die afkomstig zijn van andere eilanden van de Indonesische Archipel, zoals Java, Celebes, Sumatra enz.

vijfbondDieter Bartels spreekt dan ook ten onrechte over een combinatie van Patasiwa en Patarima in zijn boek en tekening van de menselijke vorm van de Uli Hatuhaha: Pelau, Rohomoni en Hurariu zouden volgens Bartels tot de Negenbond behoren. Kabau en Kailolo werden door Bartels tot de Vijfbond gerekend.
De Ama Rima Hatuhaha behoren echter tot de Patarima (Vijfbond), conform de geschetste Pata (het menselijk lichaam), waarop de structuur van de Uli Hatuhaha is
gefundeerd ! 

Toen de Radja van Hurariu, Pikaihehe Laisina, in zijn functie als woordvoerder van de Uli Hatuhaha, zich in 1590 door een Portugese franciscaner monnik liet dopen in de baai van Urumau, verbrak hij niet alleen de plechtige eed op Alaka:

– hij verloochende ook de naam Hurariu, door de kapitans Pentury en Anhatua gegeven aan dit dorp. 

– hij gaf tevens het lot en de uiteindelijke bestemming van Hurariu en de twaalf families in handen van een vreemde mogendheid, die de mensen een vreemde structuur, cultuur en een vreemd geloof opdrong.               

De dorpen van de Patasiwa op Haruku waren inmiddels ook door de Portugezen bekeerd teneinde een goede handelsbasis te stichten en om bondgenoten te hebben tegen het Islamitische Hitu en De Kerajaan Islam Hatuhaha. 

Volgens de geschiedkundige Rumphius ( 1627 – 1702 ) zou Hulaliu in 1640 zelfs vrijwillig aan de Nederlanders om het Protestantisme hebben gevraagd………………… Deze “vrijwilligheid” spreek ik echter  pertinent tegen; opnieuw kwamen list en bedrog onder dreiging van musketten en kanonnen er aan te pas !

De bovengenoemde Radja Pikaihehe Laisina liet zich als eerste Hurariu Anaï katholiek omdopen en nam de christelijke naam Simon Supu Laisina aan.
Toen de VOC hem en de bevolking opnieuw in het “heilige” water van Urumau wilde dompelen, maar nu volgens de protestantse normen en waarden, weigerde hij. Hij wilde vasthouden aan het katholieke geloof. Hierop werd deze Radja van Hulaliu door gouverneur Frederik Houtman op 15 mei 1605 naar Makassar verbannen. Op 1 maart 1637, terwijl moslims en christenen op Alaka zij aan zij een bloedige slag leverden met de VOC, werd hij door de Nederlanders opgehangen……….. !  

 Het V.O.C.-bewind onder Anthonie van Diemen (1636-1645) en Arnold de Vlamingh van Outshoorn (1647-1650)  tolereerde na de gewelddadige overwinning op de Uli Hatuhaha (1637) geen ander christelijk geloof dan het strenge Protestantisme als de enige echte en ware leer voor de reeds godvrezende  katholieke Hulaliu-nezen…….!
De Uli Hatuhaha werd in de Perang Alaka 2 van 1637 pas na veel moeite en excessen  door de VOC bedwongen; dorpen werden platgebrand, mannen, vrouwen en kinderen vermoord, nog levende radja’s werden weggevoerd………..gedicht met plaatje

jeje 23 b

Bapa Jeje Taihuttu uit Vught met zijn drie kleindochters bij “Haturessy” in Rohomoni, augustus 2006.

De hierboven genoemde zes unieke basiseigenschappen van de Uli Hatuhaha dragen natuurlijk bij aan deze band.

Bij de uitvoering van de adat-plichten binnen de structuur van de Uli staat Hulaliu nog steeds voor de rechten en plichten, die deze met zich meebrengen. Indien één van de Islamitische dorpen een baileo of moskee (mesdjid) wil bouwen of restaureren moet hiervoor vooraf aan Hulaliu om toestemming worden gevraagd. Bij restauraties of bouw van baileo’s of mesdjids levert Hulaliu nog steeds een bijdrage, zowel in arbeid als in geld. Ook omgekeerd leveren de andere vier dorpen hun adat-plichten aan Hulaliu, indien de baileo of de kerk moeten worden gerestaureerd of worden gebouwd

jeje 23 a

Anies, Sien en Piet Taihuttu voor de mesdjid van Hurariu in Rohomoni, augustus 2006.

Pelauw

zicht op Pelauw

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Als bewaker van de Islam werd in Rohomoni een symbolische mesdjid voor Hulaliu gebouwd in de onmiddellijke nabijheid van de heiligste mesdjid van de Uli Hatuhaha. De kapata’s en gebeden worden nog steeds bewaard in de mesdjid van Kabau. Kailolo ontfermde zich over de heilige boeken (buku tembaga) van Hulaliu. Op de avond voor het vrijdaggebed wordt na de drieëndertig tifaslagen, ook voor Hulaliu hetzelfde aantal slagen herhaald.

 

 

 

 

dameskoor Hulaliu

menurut traditie bangsa Maluku.

dameskoor 1

Ceremonie bentukan Bapa Radja Baru Hulaliu, augustus 2008

Inauguratie 2 (2)

Bapa Radja Baru Philipi Tuwanakotta.

terima saudara islam 1

Tamu Tamu.

saudara amarima

Saudara2 Ama Rima Hatuhaha ambil bahagian menurut traditie Uli Hatuhaha.

Tiup tahuri di baileo (2)

Tiup tahuri di baileo Hulaliu.

terima di baileo (2)

Ontvangstcomité di baileo.

Inauguratie bp Raja Hulaliu 2009

Masuk di dalam baileo Hulaliu.

Symboliek te over: Vier broers die altijd zullen waken over de band met hun vijfde broer en over de samenleving van de Ama Rima Hatuhaha die ook de Molukse samenleving ten goede kan komen. (Zo heeft de Ama Rima Hatuhaha in 2000 het initiatief genomen voor het vredesproces in Ambon Stad.)

Misschien kunnen wij hierin vanuit Nederland via de Perkumpulan Anak Anak  Hulaliu een steentje bijdragen aan de instandhouding van deze unieke band in de Molukken  tussen  Moslims en Christenen. Zie onze financiële adatplicht, die wij  zouden kunnen overnemen van ons dorp. Want Hulaliu heeft de Ama Rima Hatuhaha nodig in het streven naar sociaal welzijn!   

          notes06

                                                                               Ama Rima lied

        Insha’Allah

Ama Rima Hatuhaha: Pelau, Rohomoni, Kailolo, Kabau, Hurariu
Kupa mese mese.

Kerajaan Islam Hatuhaha
Migratie vanuit Ceram
Stichting dorpen
Kerstening van Hurariu
Overzicht geloven
Hena masa ami
Amarima / Uli Hatuhaha
Perang Alaka